lsd

Van de lange lijst met psychedelische drugs is LSD misschien wel de bekendste. Het bijzondere van LSD is, dat het in staat is met een heel kleine dosis al effectief te zijn voor een heel lange tijd. Trips duren soms wel twaalf uur. Hoe komt dat? Wetenschappers zochten het uit.

LSD op papier

Eerst even wat meer over LSD. De drug werd in 1938 gemaakt door de Zwitser Albert Hofmann, die per toeval ontdekte dat het stofje waarmee hij werkte, zorgde voor hallucinaties en een versterkte verbeeldingskracht. Wie het goedje inneemt, doet dat vaak via een zogenaamde papiertrip. Je eet een eetbaar stukje papier waarop een heel dun laagje LSD is gespoten.

Het duurt even voor de effecten intreden: zo’n half uur tot een uur. Daarna ervaren veel mensen euforische gevoelens, een vertraging van de tijd, je zintuigen zijn versterkt en je hebt een scherpere verbeelding. Grenzen tussen persoon en omgeving lijken zwakker en mensen zien vaak mooie patronen om zich heen. De echte trip duurt maximaal zo’n twaalf uur, maar de na-effecten kunnen nog een hele dag aanhouden.

Kleine dosis, groot effect

Maar waarom duurt die trip zo lang? De dosis LSD die een gemiddelde gebruiker neemt is bijzonder klein en de LSD-moleculen zijn binnen een paar uur uit de bloedbaan verdwenen. Onderzoekers in de Verenigde Staten legden LSD onder de microscoop terwijl het verbonden was met een menselijke serotonine-receptor.

Serotonine is een neurotransmitter die invloed heeft op onder andere het geheugen, de stemming, emoties en het zelfvertrouwen. Het bindt aan een specifiek eiwit in de hersenen, de receptor, om z’n werk te doen. Receptoren werken als een sleutel, zodat maar één molecuul kan binden. LSD werkt als agonist voor serotonine. Dat wil zeggen dat het aan één kant precies dezelfde vorm heeft als het uiteinde van serotonine, waardoor het precies in de receptor (het specifieke eiwit) past.

De manier waarop LSD verbonden was met de receptor vonden de onderzoekers opvallend. Het molecuul zat namelijk in een afwijkende hoek in de receptor, waardoor het receptor-eiwit in staat was zich over het LSD-molecuul heen te vouwen. Het molecuul was daardoor ‘opgesloten’ door het eiwit-klepje en kon niet onthechten van de receptor. Een trip kan daardoor ontzettend lang duren. De onderzoekers testten hun bevindingen door de LSD te koppelen aan receptoren met een ‘zachter’ klepje. Het molecuul kon daardoor veel sneller wegkomen, waardoor de effecten van de drug veranderden.

LSD als medicijn

In de Verenigde Staten heeft ongeveer één op de tien inwoners ooit LSD genomen. Onder hen is het steeds populairder om LSD te nemen in dusdanig kleine hoeveelheden dat wel de boost in creativiteit naar boven komt, maar niet de hallucinaties. LSD komt ook steeds meer onder de aandacht als potentieel medicijn. Micro-doseringen in combinatie met deze nieuwe kennis over de werking van LSD zou wetenschappers in staat kunnen stellen psychiatrische drugs te ontwikkelen die minder bijwerkingen hebben, aldus de onderzoekers.

Overigens benadrukken de wetenschappers dat ze het niet aanmoedigen om LSD te gebruiken. De drug kan ook ernstige negatieve effecten hebben: mensen krijgen psychoses en angstaanvallen, hebben geen controle meer over hun emoties of zien opeens overal beestjes lopen. Ook kunnen mensen gaan zweten, duizelig of misselijk worden en last krijgen van een verhoogde hartslag.

Wacker et al, "Crystal structure of an LSD-bound human serotonin receptor" Cell (2017).

Ontdek meer in de special