Afgelopen lente kwam ‘Casper’ de spierwitte octopus ineens in het nieuws. De octopus was een nieuwe diersoort die op een recordbrekende diepte van 4200 meter leeft in de buurt van Hawaii. Duitse onderzoekers hebben de octopus onderzocht en zijn erachter gekomen dat Casper mogelijk bedreigd wordt door diepzeemijnbouw.

De witte octopus is afgelopen lente voor het eerst ontdekt in de buurt van Hawaii. Vanwege zijn witte, knuffelbare uiterlijk kreeg het dier al snel de bijnaam ‘Casper’, van Casper het spookje. De mantal, het ronde lichaamsdeel met daarin de organen, van de waargenomen exemplaren is 5-9 centimeter groot. Ter vergelijking, een tennisbal heeft een doorsnee van 6,5 centimeter.

Na onderzoek blijkt dat de octopussen hun eieren, die met een doorsnee van 2-3 centimeter vrij groot zijn, leggen op de dode stelen van zeesponzen. Die sponzen zijn te vinden op afzettingen op de oceaanvloer die rijk zijn aan zeldzame metalen die veel gebruikt worden voor bijvoorbeeld mobiele telefoons. Doordat zulke metalen via traditionele mijnbouw steeds lastiger te vinden worden, vrezen de onderzoekers dat mijnbouwers hun werkzaamheden naar de oceaanvloer gaan verplaatsen. 

Het lijkt erop dat de witte octopussen zich erg langzaam voortplanten. De onderzoekers vermoeden dat het vrouwtje bij de eitjes blijft totdat ze uitkomen: een proces dat mogelijk jaren kan duren vanwege de lage watertemperatuur van 1,5 C°. Daardoor wordt het voor de octopussen lastig om hun populatie snel weer op peil te krijgen. Zeker wanneer de plekken waar zij hun eitjes leggen vernield zijn. 

De dieren eten veel kleinere diersoorten, dus het is moeilijk te voorspellen wat er zonder de octopussen met het ecosysteem gebeurt, zo benadrukken de onderzoekers.