Turken protest Amsterdam Turkije Nederland incident

De betogingen en rellen die dit weekend ontstonden naar aanleiding van het incident met Turkije maken weer pijnlijk duidelijk dat Nederland in tijden van globalisering niet van het buitenland geïsoleerd is. Het illustreert een vraag die volgens het Sociaal en Cultureel Planbureau (SCP) sinds 2008 bijna onafgebroken de grootste bezorgdheid van Nederland is: Hoe moeten we in Nederland met elkaar verder samenleven?

“Als we mensen erover aanspreken, merken we dat velen zich afvragen of we nog wel kunnen zijn wie we zijn,” zegt Kim Putters, directeur van het SCP. “Het meest recente burgerperspectieven-rapport van het SCP (gepubliceerd eind 2016 red.) laat zien dat 53 procent van de Nederlanders vindt dat het de verkeerde kant op gaat met de Nederlandse samenleving. Dat is al minder dan de 61 procent uit ons vorig onderzoek, maar toch nog een meerderheid.”

De volgende grafiek uit datzelfde burgerperspectievenrapport laat zien dat de manier waarop we samenleven sinds 2008 bijna onafgebroken de grootste zorg van Nederlandse burgers is. Midden 2013 werd het thema even van de troon gestoten door economische bezorgdheden, maar dat probleem lijkt voor vele Nederlanders steeds minder een probleem. En vanaf midden 2015, (vluchtelingencrisis, de terreuraanslagen in Europa) kreeg het thema ‘immigratie en integratie’ dan wel de bovenhand, je kunt het natuurlijk moeilijk los zien van de vraag hoe we met elkaar moeten samenleven.

Grafiek Nationaal Probleembesef 2017 Sociaal-cultureel Planbureau SCP

Zo zijn de gebeurtenissen van dit weekend een goed voorbeeld. Mensen met een Turkse achtergrond vormen ongeveer 2,32 procent van de Nederlandse bevolking, en niet elke Turk stond in Rotterdam te protesteren, laat staan aan de rellen te hebben deelgenomen. Maar ondanks dit lage (relatieve) aantal kan een incident als dit door vele kiezers als indrukwekkend worden ervaren en maatschappelijke vragen oproepen.

Had de regering de nood aan openbare veiligheid en de vrijheid van meningsuiting goed met elkaar afgewogen? Voor sommige Turken is een politiek incident als dit de demonstraties en (al dan niet) de rellen in Nederland blijkbaar waard. Ligt de loyaliteit van de betogers dan eerder bij Turkije dan bij Nederland? Hebben de betogingen te maken met het feit dat 40 procent van de Turken en Marokkanen zich volgens het SCP niet in Nederland thuis voelt en het incident hun mening van een discriminerend Nederland bevestigt? Hoe groot is de sympathie van de betogers voor een president die Nederland een nazistisch land noemt, maar zelf helemaal geen smetteloze geschiedenis heeft in de omgang met betogers, en in het komende referendum nogmaals een sterk aantal democratische elementen wil terugschroeven ten voordele van zichzelf? Zijn de Turken die niet gingen betogen het met de betogers eens?

Goed en slecht steeds meer zaak van individu

“Hoewel thema’s als migratie en globalisering Nederlanders doen nadenken over hun eigen land, zijn het lang niet de enige twee thema’s,” zegt Putters. “Enerzijds heb je de collectieve normen die wegvallen door het verminderen van hechte sociale banden en individualisering. Denk bijvoorbeeld aan vraagstukken over de zorg, flexibilisering, ontkerkelijking, en eenzaamheid waar sommigen mee te maken krijgen. Anderzijds heb je het opduiken van ad-hoc-incidenten die breed in de media komen, zoals geweld tegen ambulancepersoneel, het lastigvallen van tramchauffeurs, en het bedreigen van homo’s die hand in hand lopen. De collectieve norm van wat goed en slecht is, komt zo onder druk te staan. Mensen bepalen het zelf.”

Grove politici komen hard bij de burger aan

Zouden politici het probleem kunnen verhelpen? Volgens Putters is dat niet gemakkelijk. “Wat de ene kiezer hoogstnoodzakelijk vindt, heeft voor de andere niet altijd even veel prioriteit. Je hebt wel een aantal principes waar bijna alle Nederlanders het over eens zijn, zoals meer fatsoen op straat, maar je kunt niet altijd bepalen wat precies de Nederlandse manier van samenleven is. De discussie over zwarte piet is daar een goed voorbeeld van.”

Wat politici desondanks niet moeten doen, is op een grove manier met elkaar in de clinch gaan. Hoewel het SCP niet meet of daardoor de polarisering in Nederland echt is toegenomen, geeft het onderzoek aan dat kiezers zich wel degelijk zorgen maken over de verruwing van het publieke debat. Politici zijn natuurlijk niet de enige hoofdrolspelers, maar bepalen wel mee de toon. “Telkens wanneer ze tegen elkaar uitvallen merken we in ons onderzoek dat dit bij vele mensen hard aankomt," zegt Putters.

En sommige kiezers mogen het woord compromis misschien een beladen woord vinden, de overgrote meerderheid heeft er volgens Putters begrip voor dat politieke partijen water bij de wijn doen om beleid te vormen. Putters: “Vergeet niet toen het huidige kabinet aantrad het een vertrouwen had van 74 procent bij de kiezers, ook al zijn de VVD en de PVDA vaak elkaars tegenpolen. Het was pas toen de discussie losbarstte over zaken zoals de inkomensafhankelijke zorgpremie en strafstelling van illegaliteit, dat dit vertrouwen drastisch slonk.”

Ontdek meer in de special