Ondanks het rondstrooien van beledigingen aan complete bevolkingsgroepen, kan Donald Trump op de steun rekenen van zeer veel Amerikanen. Wat maakt zijn boodschap zo sterk en hoe probeert Hillary Clinton zich hiertegen te wapenen? Elisabeth van Nimwegen en Diederik Jekel duiken in de wetenschap achter populistische taal en politieke retoriek. Verrassend: niemand blijkt immuun te zijn voor de retoriek van Trump!

Beide presidentskandidaten hebben een heel eigen taal waarmee ze hun boodschap aan de kiezers verkopen, oftewel ‘framen’. Trump beïnvloedt zijn toehoorders met de vele herhalingen en overdrijvingen in zijn taalgebruik. Hij valt daarmee binnen een lange traditie van het populisme, die zo ver teruggaat als de Klassieke Oudheid. Hillary Clinton vertegenwoordigt juist de politieke traditie waartegen Trump zich zo hard uitspreekt: die van de beroepspolitici en het ‘establishment’. Clinton probeert zich te wapenen tegen Trump door zichzelf met haar politiek taalgebruik te framen als bruggenbouwer.

De strijd om de onderbuikgevoelens

Een belangrijke kracht van het populisme is de mate waarin het zogenaamde onderbuikgevoelens weet aan te spreken: angsten en boosheid van kiezers. Een groep Nederlandse onderzoekers wil deze onderbuikgevoelens in kaart brengen. Letterlijk. Dit doen ze onder andere door te meten hoe kiezers lichamelijk reageren op politieke boodschappen. In welke mate weten Trump en Clinton de onderbuik van Diederik en Elisabeth te beroeren?