Armoede
Grote ongelijkheid is misschien nog acceptabel als in een land ook de minima nog te eten hebben en een dak boven hun hoofd. Echt schrijnend wordt het pas, als minima letterlijk van de honger om dreigen te komen. Sinds 1980 is een aanzienlijk deel van de mensheid van de ergste armoede bevrijd, en de verschillen tussen landen onderling zijn gemiddeld afgenomen. Maar binnen die landen is het relatieve verschil tussen rijk en arm niet of nauwelijks afgenomen. Dit betekent dat het grootste deel van de gewonnen welvaart in de derde wereld niet bij de armsten terecht gekomen is.  
De situatie in ontwikkelingslanden staat hier in detail beschreven.

Nederland
Qua inkomensverdeling is Nederland een behoorlijk genivelleerd land, samen met de meeste West- en Noord-Europese landen. De verdeling van het vermogen is - net als in veel andere landen - veel schever: de helft van het totale Nederlandse vermogen is in handen van de 7% rijkste huishoudens. 
Typisch Nederlands, en tamelijk verontrustend, is wel dat de 60% minst vermogende huishoudens een gezamenlijk vermogen 0 hebben: wat zij aan spaargeld en bezit hebben, wordt in z'n geheel teniet gedaan door hun enorme hypotheekschulden.