Nieuwsbrief

Blijf wekelijks op de hoogte van het beste uit De Kennis van Nu en het laatste nieuws!

MELD JE AAN
Wooly_Mammoth-RBC

Jaarlijks sterven er tal van diersoorten uit. Kunnen genetische technieken een laatste redmiddel voor deze soorten zijn? En kunnen deze technieken zelfs dieren die al duizenden jaren zijn uitgestorven, zoals mammoeten, weer tot leven wekken?

Een op de vier zoogdieren, een op de acht vogelsoorten en een op de drie amfibieën wordt met uitsterven bedreigd. Dat meldt de natuurorganisatie International Union for Conservation of Nature (IUCN) op haar website. Van leeuwen en olifanten tot zeeschildpadden en de blauwvintonijn. Stuk voor stuk worden ze bedreigd. Daarnaast sterven er jaarlijks tal van andere soorten uit en daarmee is het vijf voor twaalf in het dierenrijk.

Dramatische omstandigheden vragen om drastische middelen en sommige conservatiebiologen hebben hun blik daarom nu gevestigd op het gebruik van gentechnologie. Dankzij nieuwe ontwikkelingen binnen deze wetenschap, zoals de revolutionaire techniek CRISPR-Cas, is het misschien zelfs mogelijk om uitgestorven dieren weer tot leven te wekken. Althans, een herschepping ervan.

Terugkeer van de mammoet?

Voor velen klinkt dat laatste als sciencefiction. Toch werken wetenschappers over heel de wereld er hard aan om van deze fantasie een realiteit te maken. Ongetwijfeld één van de meest opvallende voorbeelden hiervan is het project van Harvard-geneticus George Church. Deze wetenschapper probeert nieuwe mammoeten te creëren zodat zij opnieuw de toendra’s en boreale bossen van Eurazië en Noord-Amerika kunnen gaan bewandelen.

Hoe hij dat exact doet? Met de genetische knip- en plaktechniek CRISPR-Cas. Deze techniek maakt het mogelijk om DNA aan te passen en hiermee kan hij de cellen van Aziatische olifanten aanpassen door er genen aan toe te voegen uit opgegraven mammoetkarkassen, afkomstig uit de arctische permafrost. Het doel hiervan is niet om perfecte kopieën van de gigantische harige wezens te maken, maar de olifanten in zoverre de karakteristieken van een mammoet te geven dat zij uiteindelijk in staat zijn om te leven in het ijzige klimaat van de toendra’s.

Church stelt in een interview met het Canadese medium CBC dat we zo deze regio weer in zijn oorspronkelijke staat van meer dan twaalfduizend jaar geleden kunnen brengen. Hierdoor zou de huidige drassige permafrost kunnen veranderen in een droge, koude steppe vol met gras. Door deze klimaatverandering zou het aantal donkere planten verminderen dat hitte absorbeert, wat volgens Church zal leiden tot een vertraging van het smelten van het Arctisch gebied.

Gen genen blauw

Technische voorwaarden

De mammoet is slechts één van de vele soorten die op de lijst staat. Sterker nog, The Long Now Foundation heeft een gehele sub-organisatie opgezet onder de naam Revive & Restore met het doel om bedreigde en uitgestorven diersoorten genetisch te redden. Andere kandidaten zijn onder meer de trekduif, de Tasmaanse tijger en de dodo. Betekent dit dat alle uitgestorven diersoorten ooit weer zullen opstaan uit de dood? Dat ligt eraan, want er zit een aantal technische addertjes onder het gras.

Om te beginnen is het van cruciaal belang dat er genoeg DNA over is gebleven van een uitgestorven soort. Daarnaast moet er een nauw-verwante soort zijn waarin het DNA ingebracht kan worden en moet het mogelijk zijn dat deze soort zich voort kan planten. Ten slotte mag een soort niet langer dan 800.000 jaar geleden zijn uitgestorven, omdat er anders geen DNA is overgebleven. Het terugbrengen van bijvoorbeeld dinosauriërs zit er daarom niet in.

´ Genetische redding is een stuk ingewikkelder dan het simpelweg knippen en plakken van genen van de ene in de andere soort, maar het is zeker een deel van de oplossing’. ´

Het genetisch sleutelen aan bedreigde diersoorten

Gentechnologie biedt niet alleen opties voor het terugbrengen van uitgestorven dieren, je kunt er ook bedreigde diersoorten mee helpen. In 2013 publiceerde een aantal wetenschappers in Nature al een commentaar waarin zij stelden dat het mogelijk zou moeten zijn om de genen en allelen van goed aangepaste soorten in die van bedreigde diersoorten te plaatsen.

‘Genetische redding is een stuk ingewikkelder dan het simpelweg knippen en plakken van genen van de ene in de andere soort, maar het is zeker een deel van de oplossing’, stelt Meghan Foley, woordvoerder voor Revive & Restore in een e-mail. Hoewel deze technologie nog niet succesvol is toegepast bij dieren, is die al wel gebruikt voor planten om voedselgewassen beter te laten groeien.

Voor dieren zou dit soort geavanceerd gereedschap gebruikt kunnen worden om verloren gegane genetische diversiteit terug te brengen in populaties. Hierdoor kunnen zij beter bestand zijn tegen ziektes of klimaatsveranderingen, aldus Foley: ‘Zodra wetenschappers achterhalen welke allelen soorten resistent maken tegen ernstige ziekte, dan kan die weerstand ingebouwd worden in bedreigde soorten.’

Zwart potige fret

Een goed voorbeeld hiervan is een project met zwart potige fretten waar Revive & Restore op dit moment aan werkt. Deze soort werd dertig jaar geleden van het randje van uitsterven teruggebracht door een intensief fokprogramma met als basis slechts zeven dieren. ‘Doordat er zo weinig voorvaderen zijn, mist de soort de genetische diversiteit om twee ziektes te overleven die de populatie reduceren. We onderzoeken momenteel of we allelen uit tamme fretten kunnen halen om hiermee de zwart potigen bestand te maken tegen de sylvatische pest (een vorm van pest waar veel wilde knaagdierpopulaties aan overlijden). 

Bedreigde diersoorten: wel of niet redden?

Toch zijn het niet alleen mammoeten die ooit zijn uitgestorven en zwart-potige fretten die nu bedreigd worden. Het gaat in totaal om zoveel verschillende diersoorten, dat je je kunt afvragen hoe we al die diersoorten ooit gaan redden. En moeten we dat wel willen?

‘Bij de discussie over bedreigde diersoorten is het belangrijk om duidelijk te maken wat de oorzaak is van het uitsterven. Veel diersoorten zijn namelijk verdwenen door verandering van het klimaat of de vegetatie. In die gevallen is het niet in het belang van de diersoort om beschermd te worden, omdat het dier zich niet zelf aan kan passen’, stelt UU-ethicus Franck Meijboom.

Tegenwoordig is die discussie echter ingewikkelder, omdat mensen vaak de reden zijn waarom diersoorten uitsterven, aldus Meijboom: ‘Doordat er steeds meer mensen op aarde komen, is er steeds minder plaats voor dieren. Het argument dat we de natuur z’n gang moeten laten gaan is daarom vaak geen sterk argument meer. Tenzij we het heel serieus nemen en ons eigen gedrag daaraan gaan aanpassen. Dit zou echter zulke enorme gevolgen hebben voor de mens, dat velen van ons dat onacceptabel vinden.’

´ Bovendien gaan deze experimenten gepaard met ongerief voor de olifanten en blijkt het in de praktijk nog vaak lastig om de gezondheid en het welzijn van hybride dieren te waarborgen. ´

Volgens Meijboom is het daarom duidelijk onze plicht om diersoorten te beschermen, al ziet hij geen meerwaarde in het terugbrengen van uitgestorven dieren: ‘Dit soort experimenten spreekt vaak tot de verbeelding, omdat bijvoorbeeld mammoet beelden van oer-natuur oproepen. Het lijkt daarom voornamelijk ingegeven door nieuwsgierigheid en dat oer-ideaal.’

Alhoewel de UU-ethicus er niet aan twijfelt dat het op een manier een bijdrage zal leveren aan onze klimaatproblemen, vraagt hij zich ernstig af of dit de meeste efficiënte manier is. ‘Bovendien gaan deze experimenten gepaard met ongerief voor de olifanten en blijkt het in de praktijk nog vaak lastig om de gezondheid en het welzijn van hybride dieren te waarborgen.’

IUCN

Toepassing van de techniek

Technisch gezien zet de genetische redding van dieren in ieder geval al grote stappen, maar betekent dit dat organisaties deze controversiële conservatiegereedschap binnenkort ook graag gaan gebruiken?

De internationale natuurorganisatie IUCN heeft in ieder geval geen officieel standpunt ingenomen wat betreft het genetisch redden van dieren. Wel heeft de organisatie sinds deze week richtlijnen over het terugbrengen van uitgestorven dieren opgesteld. Dat vertelt Phil Seddon van de IUCN Conservation Genetics Specialist Group via een e-mail: ‘De organisatie steunt noch bestrijdt de techniek. In de deze richtlijnen staat een aantal problemen en mogelijkheden waarover nagedacht kan worden, wanneer de technologie wordt ingezet voor conservatiedoeleinden.’

Hij voegt daaraan toe dat het opstarten van een project geen steun vereist van de IUCN, gezien haar neutrale positie. ‘Wel moeten wetenschappers er ontzettend zorgvuldig op letten dat zij de huidige biodiversiteit niet schaden met hun projecten.’

Ontdek meer in de special