Nieuwsbrief

Blijf wekelijks op de hoogte van het beste uit De Kennis van Nu en het laatste nieuws!

MELD JE AAN
het echtpaar curie

Studeren doen ze als de beste, maar voor de wetenschap gaan nog steeds veel te veel vrouwen verloren. Terwijl ze de mooiste ontdekkingen doen.

 

Schotland, januari 1919. Terwijl de mannen terugkeren van het front na het eindigen van de Eerste Wereldoorlog, verlaten de vrouwen de fabrieken en laboratoria en nemen hun oude positie in het huishouden weer in. Dorothée Pullinger, dochter van een auto-ontwerper, had tijdens de oorlog leiding gegeven aan 7.000 vrouwen in een vliegtuig- en munitiefabriek onder de rook van Glasgow. Ze weet haar superieuren er van te overtuigen dat inmiddels zoveel vrouwen hebben leren rijden dat de tijd rijp is voor een vrouwenauto.

Het wordt de Galloway 10/20, de eerste auto waar standaard een achteruitkijkspiegel in zit. De eerste auto ook zonder allerlei uitstekende pedalen en handles waar je met je rok aan blijft hangen. En de eerste auto waarin je als vrouw – gemiddeld iets kleiner – niet door maar óver het stuurwiel naar de weg kunt kijken. Een auto bedacht door een vrouw voor de vrouw. En gemaakt door vrouwen, die Pullinger speciaal voor haar project weer achter het fornuis vandaan haalt.

Nina Baker, Schots expert op het gebied van vrouwen en techniek, komt met dit voorbeeld als ik vraag of de wetenschap er anders uit zou zien als er meer vrouwen actief zouden zijn. ‘Het is het enige voorbeeld dat ik ken, Pullinger is een van mijn helden. Volvo heeft tien jaar geleden ook een auto laten ontwerpen door een team van vrouwen, de YCC, maar dat is bij een concept gebleven’, vertelt ze tijdens de conferentie Revealing Lives: Women in Science 1830 – 2000, die de Royal Society vorige maand in Londen organiseerde. Vooraf maakte ik me enige zorgen of de vraag niet als seksistisch zou worden beschouwd. Wat maakt het immers voor de zwaartekracht of de structuur van DNA uit of die door een man of een vrouw wordt ontdekt? En eerder op de conferentie had ik al een bekende quote van de wiskundige Hertha Ayrton voorbij horen komen: ‘Het idee van vrouwen in de wetenschap is totaal irrelevant. Of een vrouw is een goede wetenschapper, of ze is het niet.’

Maar Baker vindt de vraag juist interessant. Want in een wereld van gelijke kansen van wieg tot graf zou het verschil tussen man en vrouw er inderdaad niet toe doen, maar dat is nu precies waar het aan schort. Ook al studeren er inmiddels meer vrouwen dan mannen af – in kortere tijd en met beter resultaat – als je kijkt naar het aantal professoren en hoogleraren, dan is van een evenredige verhouding nog allerminst sprake.



pillen

Doorzettingsvermogen

Dus weten we simpelweg niet hoe de wetenschap er uit zou zien als er meer vrouwen actief zouden zijn. Maar in Londen komen wel speculaties en vermoedens voorbij. Neem bijvoorbeeld het huidige medicijnonderzoek. Nog steeds testen farmaceuten veel medicijnen niet op vrouwen, bang als ze zijn dat een onvermoede zwangerschap door het geneesmiddel wordt afgebroken, of dat fluctuerende vrouwelijke hormoonspiegels de test in de war gooien. Het is niet uitzonderlijk dat medicijnen van de markt moeten worden gehaald omdat ze toch negatieve bijeffecten hebben voor vrouwen. Het is moeilijk voorstelbaar dat vrouwen zoiets zouden toestaan.

Zouden vrouwen misschien ook typische karaktereigenschappen hebben die goed van pas komen bij het bedrijven van wetenschap? Geoloog Cynthia Burek denkt van wel: ‘De archeoloog en paleontoloog Louis Leakey koos twee vrouwen, Dian Fossey en Jane Goodall, om voor lange tijd apen te observeren. Dat was niet voor niets. Vrouwen hebben vaak het geduld en doorzettingsvermogen om zo’n klus tot een goed einde te brengen.’

Vrouwen zijn in de regel ook multidisciplinairder ingesteld, zal Catholijn Jonker van het Landelijk Netwerk Vrouwelijke Hoogleraren (LNVH) daar later telefonisch aan toevoegen: ‘Waar mannen eerder geneigd zijn om zich te verdiepen in een onderwerp binnen een bepaald vakgebied, gaan vrouwen vaker op zoek naar dwarsverbanden tussen verschillende disciplines.’ Filmwetenschapper Esther Sonnett vindt die monodisciplinaire aanpak zelfs bijna ouderwets: ‘Vakgebieden zijn slechts vakgebieden omdat ze er niet in slagen in gesprek te gaan met andere vakgebieden’.

‘Wat daarnaast ook speelt’, aldus Catholijn Jonker,’is dat wetenschappelijke teams vaak beter functioneren als er mannen én vrouwen in zitten. Je profiteert dan optimaal van verschillende individuele eigenschappen, waardoor problemen makkelijker worden opgelost en de prestaties beter zijn.’

Alle reden dus om een gelijkere verdeling tussen mannen en vrouwen na te streven. Het is niet alleen rechtvaardig, goeie kans dat het ook nog eens heel goed is voor de wetenschap. Waarom is het nog niet zover? Nina Baker heeft de redenen speciaal voor de conferentie in Londen nog eens op een rijtje gezet, maar tempert al vooraf de verwachtingen: alle barrières zijn al eerder in kaart gebracht.




Leaking pipe with sailors

Lek

‘Jonge vrouwen en studenten denken vaak dat alle problemen zijn opgelost, en dat ze een prima carrierèplan hebben. Maar als ze na hun 25-ste op zoek gaan naar een vaste baan, een vaste relatie of zelfs kinderen krijgen, dan merken ze dat het toch niet zo simpel is’, aldus Nina Baker. ‘Dan blijkt pril vaderschap opeens een stuk beter samen te gaan met een carrière dan moederschap.’

The leaky pipeline, noemen ze dit fenomeen in Groot-Brittannië. In de loop van hun leven gaan steeds meer vrouwen verloren voor de wetenschap. Is het niet omdat ze kinderen krijgen, dan is het wel omdat ze onvoldoende ondersteund worden bij hun onderzoek, geen mentor kunnen vinden of geïsoleerd raken binnen hun faculteit. Het resultaat: van de gelijke verdeling in de collegebanken is niets meer over op het niveau van professoren.

Nederland bungelt in dit opzicht zo ongeveer onderaan in de lijst: alleen in België, Cyprus en Luxemburg is het percentage vrouwelijke hoogleraren nog lager, blijkt uit de monitor van de Stichting de Beauvoir. Dat lijkt te maken te hebben met een ouderwetse rolverdeling – het zogenoemde pervasive Dutch motherhood syndrome dat ook doorwerkt in sociale voorzieningen, een vooroordeel tegen vrouwen in topposities en werving via old boys networks. Werk aan de winkel dus, al was het maar omdat er anders financiële repercussies dreigen: Horizon 2020, het nieuwe innovatiesubsidiepotje van de EU, stelt expliciete eisen aan samenstelling van onderzoeksteams.

Ook onbewuste vooroordelen spelen een rol, zowel nationaal als internationaal. Neem de beruchte proef met twee identieke cv’s, met als enige verschil dat bovenaan de ene de naam van een man stond en bovenaan de andere die van een vrouw. Zowel mannen als vrouwen bleken liever de man aan te nemen. Project Implicit van Harvard University duwt je hardhandig met je neus op de feiten: ‘Ik heb de test al tien keer gedaan, en elke keer blijk ik even bevooroordeeld’, aldus biologe Athena Donald, tevens 'Gender Equality Champion' van de University of Cambridge.

Hetzelfde geldt voor stereotype beeldvorming. Zo verscheen pas vorig jaar eindelijk een legopoppetje dat een vrouwelijke wetenschapper representeerde. Kinderen leren dus al spelenderwijs dat wetenschap een mannending is. En ooit een jongen zien lopen in een t-shirt met daarop de tekst ‘I’m too pretty to do math’? Vrouwen kijken zelf trouwens ook niet op een stereotypetje meer of minder: ‘Als ik bij een lezing het mannelijk publiek op een achterstand wil zetten, dan neem ik gewoon koken als voorbeeld’, aldus Cynthia Burek, ‘daar houden de meeste mannen niet van’.

Vier bedienden

Wat moet er nu gebeuren om tot een evenrediger verdeling te komen? Nina Baker: ‘Je kunt proberen de vrouwen te veranderen, door ze te coachen, meer zelfvertrouwen te geven en te stimuleren om te promoveren of eindredacteur van een wetenschappelijk blad te worden. Je kunt ook de werkplaats veranderen, door flexibel werken te faciliteren en parttime onderzoekscontracten toe te staan. Maar wat je zeker ook moet veranderen, is de wereld. Kinderopvang is bijvoorbeeld in veel Europese landen verre van optimaal, en ook nog eens erg duur.’ En zelfs dat garandeert niet dat in de toekomst vijftig procent van de hoogleraren vrouw zal zijn. ‘Dat weet je niet, en het zal ook per vakgebied verschillen. Waar het om gaat, is dat als er bij een bepaalde studie dertig procent vrouwelijke studenten zijn, dat er dan ook dertig procent vrouwelijke professoren zijn’, aldus Baker.

‘Het interessante is dat de verdeling veel gelijkwaardiger is in landen waar je het helemaal niet zou verwachten, zoals Syrië, Palestina en Turkije. Dat is voor een deel omdat ze daar al op de middelbare school een onderscheid maken tussen harde en zachte wetenschappen, zodat studenten goed voorbereid aan hun studie beginnen. Maar het is ook omdat elk middenklassegezin daar bedienden heeft. “Ik had het niet kunnen doen als ik niet vier bedienden had gehad”, zei een vrouwelijke ingenieur onlangs tegen me toen ik in Syrië was. Bij ons heeft niemand dat, behalve de koningin.‘

Maar ook in tijden dat het voor vrouwen nog veel moeilijker dan nu was om wetenschap te bedrijven, wisten ze al prachtige dingen te bewerkstelligen. Vrijwel niemand kent die namen. In een recent onderzoek bleek slechts een kwart van de Europeanen in staat om überhaupt één vrouwelijke wetenschapper bij naam te noemen. En dat was dan vaak tweevoudig Nobelprijswinnares Marie Curie. Zelfs veel wetenschappers moesten na het noemen van twee of drie namen hun toevlucht nemen tot de namen van hun vrouwelijke collega’s. Terwijl al zoveel vrouwen waardevolle bijdragen leverden aan de wetenschap. Ze schreven de eerste software, legden de basis voor draadloze communicatie, ontrafelden natuurkundige raadsels, ontdekten groeifactoren in het brein en boden inzicht in de complexiteit van het leven. NPO Wetenschap besteedt de komende weken aandacht aan ze.




Ada Lovelace

25 juni: Ada Lovelace (1815 – 1852)

De dochter van dichter Lord Byron, Ada Lovelace, werd door haar moeder richting wiskunde gemanoeuvreerd, bang als ze was dat Ada het wilde en instabiele karakter van haar vader zou hebben geërfd en, god verhoede, dichter zou worden. Als eerste zag Lovelace in de jaren dertig van de achttiende eeuw de mogelijkheden van de programmeerbare rekenmachine die Charles Babbage ontwierp. Ze bedacht niet alleen de term thinking machine voor deze voorloper van de moderne computer, ze schreef er ook de eerste programma’s voor. Ada Lovelace is daarmee de moeder van alle software. Lees het hele artikel over Ada Lovelace




Chien-Shiung Wu

2 juli: Chien-Shiung Wu (1912 – 1997)

Van oorsprong Chinees maar het grootste deel van haar leven werkzaam in de VS, deze First Lady of Science. Maar ondanks haar bijnaam is Miss Wu zelfs in Amerika nauwelijks meer bekend. Haar vader gaf haar mee dat ze obstakels moest negeren, en inderdaad kwam deze workaholic erg ver. Haar expertise op het gebied van radioactiviteit en kernfysica was ongeëvenaard. Velen waren verbolgen toen ze werd gepasseerd toen de Nobelprijs werd uitgereikt voor de pariteitsschending in de zwakke wisselwerking – ten gunste van haar mannelijke collega’s ging. Lees het hele artikel over Chien-Shiung Wu.




Hedy Lamarr

9 juli: Hedy Lamarr (1914 – 2000)

Onwaarschijnlijker verhalen dan die van de geboorte van wifi kom je niet vaak tegen. Hedy Lamarr was een van oorsprong Oostenrijkse actrice, tevens de vrouw die in 1933 als eerste naakt in een speelfilm te zien was. Dankzij haar huwelijk met een Weense wapenhandelaar raakte ze geïnteresseerd in besturings- en communicatiesystemen. Ze bedacht een manier om radiocommunicatie door middel van ‘frequency hopping’ ongevoelig te maken voor storingen. Samen met de Amerikaanse componist Georg Antheil werkte ze dit idee om tot een techniek om vanaf grote hoogte torpedo’s te besturen. Het Amerikaanse leger zag er niets in, maar tegenwoordig maakt frequency hopping deel uit van vrijwel alle draadloze communicatie, van gps en umts tot bluetooth en wifi. Lees het hele artikel over Hedy Lamarr.




Rita_Levi-Montalcini

16 juli: Rita Levi-Montalcini (1909 – 2012)

Deze dochter van een wiskundige en schilderes besloot zich aan de geneeskunde te wijden na de dood van een familievriend, en werkte jarenlang in een thuislaboratorium omdat de antisemitische wetten in het Italië van Mussolini haar een publieke functie onmogelijk maakten. Ze ontving de Nobelprijs voor de ontdekking van groeifactoren, die essentieel zijn voor groei, onderhoud en overleven van zenuwcellen. Haar werk stond daarmee aan de wieg van veel onderzoek naar kanker, Parkinson en Alzheimer. Lees het hele artikel over Rita Levi-Montalcini.




Lynn_Margulis

23 juli: Lynn Margulis (1938 – 2011)

Wie aan evolutie denkt, denkt al snel aan survival of the fittest. Een strijd waarin de sterkste individuen en de beste genen in een eeuwige strijd om het bestaan zijn verwikkeld. Het was Margulis die in de jaren zeventig tegenwicht bood aan dit competitieve model, door te laten zien dat het leven veel van zijn eigenschappen juist heeft te danken aan samenwerking in plaats van strijd. Want waarom hebben vrijwel alle menselijke cellen een celkern en energiefabriekjes aan boord? Dat zijn de overblijfselen van bacteriën die in de loop van de evolutie met elkaar zijn gaan samenwerken. Vrijwel alle dieren zijn fusies van een aantal primitievere dieren. Je zou haar een scientist’s scientist kunnen noemen: de held van menig onderzoeker, maar desondanks weinig bekend buiten de wetenschap. Lees het hele artikel over Lynn Margulis.