Nieuwsbrief

Blijf wekelijks op de hoogte van het beste uit De Kennis van Nu en het laatste nieuws!

MELD JE AAN
Chimpansee baby

Hoe meer je aan elkaar zit des te rijker je darmflora. Als je een chimpansee bent tenminste. En dat is belangrijk om te weten, want hoe diverser het binnenleven van je ingewanden, hoe beter je beschermd bent tegen ziektes - ook bij mensen.

Wanneer we veel op en aan elkaar zitten, begunstigen we de verspreiding van allerlei ziekteverwekkers. Maar hecht met elkaar om te gaan heeft ook een heel belangrijke bevorderlijke invloed op de darmen. Dit blijkt nu uit een nieuwe studie met chimpansees. Een groep onderzoekers van Amerikaanse universiteiten publiceren deze bevindingen vandaag in Science Advances.

Mensen en andere primaten vergaren de microben voor hun microbioom - zo wordt het geheel van alle micro-organismen in de darm genoemd - van soortgenoten door sociale omgang met elkaar, volgens de nieuwe studie. Sociale interactie speelt dus een hoofdrol in het vormen van de diversiteit van het microbioom, concluderen de onderzoekers. ‘Meerzaamheid’ is dus belangrijk voor je gezondheid - niet alleen op mentaal, maar ook op microbieel niveau.

Bacteriën zijn essentieel voor de gezondheid van hun gastheer: zij zorgen voor een betere afweer, breken schadelijke stoffen af, beschermen tegen infecties en halen nutriënten uit de voeding. Niet één bepaalde bacteriesoort is bijzonder belangrijk, maar juist een zo groot mogelijke diversiteit aan verschillende darmbewoners maakt dat je lichaam beter bestand is tegen allerlei schadelijke indringers. 

Van moeder tot anderen
Aan het begin van je leven krijg je je darmflora van je moeder mee, zo blijkt uit eerder onderzoek. Keizersnede of vaginale geboorte, borst- of flesvoeding zorgt - in mensen - voor een verschil in de samenstelling van het microbioom. Maar in de loop van je leven, verzamel je een groot gedeelte van je darmbacteriën van anderen, volgens de onderzoekers.

Sociale interactie is waarschijnlijk ook cruciaal voor het behoud van de diversiteit van darmbacteriën op de lange termijn. De samenstelling van bacteriën van één generatie chimpansees bleef namelijk behouden in de volgende generatie. Daarbij vond de overdracht vooral horizontaal plaats, dus door interactie met elkaar en niet verticaal, dus van de ouders op de nakomelingen.

Doel van het onderzoek was om erachter te komen hoe de samenstelling van het microbioom met de tijd is geëvolueerd en wat dat betekent voor de gezondheid. Daarvoor vergeleken de onderzoekers het gedrag van de chimpansees met de samenstelling van hun microbioom.

Wisselend gedrag
Chimpansees gedragen zich verschillend tijdens de wisselende seizoenen: is het droog, blijven zij op zich zelf of in kleine groepen, terwijl zij in de natte tijd van het jaar samen in grote groepen voedsel gaan zoeken. Tijdens natte periodes hebben de apen dus meer sociale interacties. En het bleek dat de samenstelling van hun microbioom meer op elkaar leek in de periodes waarin zij meer bij elkaar waren, dan tijdens eenzamere periodes. De onderzoekers controleerden of dit zou kunnen komen, doordat ze bijvoorbeeld hetzelfde soort voedsel aten in bepaalde periodes, maar dat was niet geval.

Over een periode van acht jaar verzamelden de onderzoekers 96 keer poep van 40 chimpansees in het Gombe National Park, Tanzania. Daaronder veertien kinderen (0-5 jaar), negen jongeren (5-14), achttien volwassenen (16-34) en zes ouderen (35+). Welk stukje poep van welke aap was, wisten de onderzoekers door direct te observeren en door een genetische analyse. De microbiomen van sociaal actieve apen veranderden op dezelfde manier door de tijd heen. Microbiomen van verschillende apen in dezelfde periode leken even veel op elkaar als het microbioom van één individu in verschillende periodes.  

Omdat er al eerder vergelijkbare resultaten waren gevonden in studies met bonobo's, en mensen veel gemeen hebben met chimpansees en bonobo’s, gaan de onderzoekers ervan uit, dat ook bij de mens sociale interactie essentieel is, om een gezonde darmflora op te bouwen en te behouden.

Niezen en handenschudden
Je kunt je natuurlijk afvragen, in hoeverre de bevindingen ook echt waar zijn voor mensen. Mensen zijn toch wel een stuk hygiënischer dan apen en gaan ook anders met elkaar om?
Dirk Draulans geeft beantwoord deze vraag in zijn boek ‘De macht van het minuscule’ zo:

‘Alles wat we in ons dagelijks leven tegen komen is een bron van infectie, of in de context van de nieuwe inzichten: kolonisatie - door microben. je wilt niet weten hoeveel microben je uitwisselt als je de eerste tongkus met een geliefde doet. Je wilt niet weten hoeveel bacteriën je opneemt als je de tandenborstel van je partner gebruikt, omdat je de jouwe niet kunt vinden. Je wilt niet weten waardoor je bestormd wordt als je in de trein tussen een heleboel andere mensen moet drommen, mensen die niezen, hoesten en je aanraken met handen die al eventjes niet gewassen zijn. Op kantoor raak je aan de koffiemachine betrokken in een verhit debat met een collega, en vliegen de speekseldruppels heen en weer- speekseldruppels als vehikel voor tal van micro-organismen. het schudden van een hand, zelfs de eenvoudigste kus op de wang, impliceren een uitwisseling van micro-organismen als uitwisseling van een ontmoeting.’

Volgens de onderzoekers suggereren de resultaten bovendien, dat we de microben die we in de loop van ons leven verzamelen overdragen op generaties van nakomelingen tot in een verre toekomst.