Nieuwsbrief

Blijf wekelijks op de hoogte van het beste uit De Kennis van Nu en het laatste nieuws!

MELD JE AAN
Boeddha

In de Nepalese geboorteplaats van Boeddha hebben archeologen sporen van een altaar gevonden uit de zesde eeuw voor Christus. Het betekent de eerste archeologische vondst die het leven van Boeddha aan een specifieke eeuw vast pint.

De Maya Devi tempel in Lumbini in Nepal wordt al lange tijd beschouwd als de geboorteplaats van de Siddhartha Gautama, later beter bekend als Boeddha. Het was hier dat koningin Maya Devi de stichter van het boeddhisme ter wereld bracht. Wanneer dat gebeurde is onbekend. Schattingen variëren tussen de 2420 en 290 jaar voor Christus. Alle bronnen zijn het er wel over eens dat Boeddha overleed op tachtigjarige leeftijd.

geboorte boeddha

Boeddhaboom

Recente opgravingen in Lumbini, dat in 1997 is opgenomen in de Werelderfgoedlijst van UNESCO, zouden deze discussie nu voorgoed kunnen beslechten. De archeologen, onder leiding van professor Robin Coningham, vonden resten van een houten altaar met een gat in het midden, dat refereert aan het geboorteverhaal van Boeddha. Volgens de boeddhistische overlevering hield Maya Devi zich vast aan een boom in de tuin van Lumbini toen ze Siddhartha Gautama baarde. Bovenliggende bouwwerken hadden ook zo’n gat en sporen van oude boomwortels zijn gevonden. Het gevonden altaar met het gat in het midden zou dus goed hebben kunnen dienen als plek waar een boom werd vereerd. Misschien wel de Boeddhaboom?

De oudste vondst die getuigt van het leven van Boeddha was tot nu toe een zuil, gemaakt door Asoka, koning van die regio in de derde eeuw voor Christus. ‘Op deze zuil staat dat Boeddha in Lumbini is geboren en dat de inwoners van Lumbini daarom minder belasting hoeven te betalen,’ zegt Van der Velde.

De archeologische vondst komt uit de zesde eeuw voor Christus en is daarmee het oudste restant van een boeddhistisch heiligdom, volgens de wetenschappers. De resten van het altaar lagen onder stenen tempels. Door de populariteit van Lumbini bij pelgrims en toeristen en door de tempels die bovenop oudere bouwwerken gebouwd zijn, was de plek lange tijd moeilijk bereikbaar voor archeologisch onderzoek. Het onderzoeksteam publiceerde hun bevindingen in het blad Antiquity.

Voorbarige conclusies

Hoogleraar Aziatische religies van de Radboud Universiteit van Nijmegen Paul van der Velde legt uit waarom het zo moeilijk is om de periode te bepalen waarin Boeddha leefde. ‘In de tijd voor Christus was het gebruikelijk dat elke vorst zijn eigen jaartelling begon,’ zegt Van der Velde. ‘Als er in geschriften bijvoorbeeld het jaar acht wordt vermeld, dan weten we niet altijd wanneer dat dan precies was.’

Wat weten we nu over de geboorte van de heilige? ‘Deze vondst zegt erg weinig over de geboortedatum van Boeddha,’ zegt Van der Velde. ‘Boomgoden en –godinnen waren heel normaal in die tijd. Overal werden bomen vereerd en bovendien was de regio van Lumbini bepaald niet afgelegen. Dit altaar hoeft dus niets met de geboorte van Boeddha te maken te hebben. Zolang er geen inscriptie of iets dergelijk wordt gevonden waarop wordt gerefereerd naar Boeddha’s leven, dan is de conclusie van het onderzoek erg voorbarig.’

Radiocarbon

Om te kunnen bepalen uit welke tijd de houten overblijfselen kwamen, testten de wetenschappers de houtresten onder meer door middel van radiocarbondatering. Radiocarbondatering is een manier om de ouderdom van organische materialen te meten. Planten en dieren bezitten licht radioactief koolstof-14. De halveringstijd van koolstof-14 is 5736 jaar. Dat wil zeggen dat na 5736 jaar de helft van koolstof-14 uit de organische stof is verdwenen, na twee maal 5736 jaar is driekwart verdwenen, enzovoort. Wanneer een organisme dood gaat stopt de aanvoer van koolstof-14 en wordt het omgezet in de niet-radioactieve stof stikstof-14, in het tempo van de halveringstijd. Door de verhouding tussen koolstof-14 en stikstof-14 in een dood organisch materiaal te meten, kun je dus de ouderdom ervan vaststellen.

Paul van der Velde waarschuwt echter voor deze dateringstechniek. ‘Met radiocarbondatering kun je meten hoe lang geleden een boom dood ging, niet wanneer het altaar werd gebouwd.’ De archeologen gebruiken daarom ook thermoluminescentiedatering, waarbij door speciale belichting nauwkeuriger kan worden gemeten wanneer materiaal onder de grond is verdwenen.

National Geographic

Het onderzoek is gesponsord door de National Geographic Society. En dat roept vragen op. Van der Velde: ‘National Geographic wil doorgaans mooie documentaires maken. Het eerste half uur worden er raadsels gepresenteerd en het tweede half uur zeggen ze dat ze die raadsels niet kunnen oplossen. Tenzij ze in hun documentaire met overtuigend bewijs komen, dus bijvoorbeeld een inscriptie, is er weinig nieuws aan deze vondst.’

National Geographic heeft inderdaad aangekondigd hierover een documentaire te maken. Het geld dat het steekt in de opgravingen zal dus voor een groot deel bedoeld zijn om een betere film te kunnen maken, niet per se om wetenschappelijke problemen op te lossen. Maar stel dat National Geographic met “overtuigend bewijs” komen in hun documentaire, waarom zeggen ze dat dan niet nu in het onderzoek? ‘Voor een interessante documentaire,’ zegt Van der Velde, ‘moet je nu natuurlijk niet alles al verklappen.’