Nieuwsbrief

Blijf wekelijks op de hoogte van het beste uit De Kennis van Nu en het laatste nieuws!

MELD JE AAN
imker

Imkeren om een bijenapocalyps te voorkomen: goed bedoeld, maar met ongewenste bij-effecten.

Zelfs rocksterren doen het tegenwoordig. Flea, de bassist van the Red Hot Chili Peppers, heeft deze zomer drie bijenkasten in zijn tuin geplaatst. Op Instagram plaatste hij verschillende foto’s van zijn lievelingen. ‘I love my bees. Flea’s bees.’

Nog maar kort geleden was bijenhouden een hobby van grijze mannen met een pijp, maar dat is aan het veranderen. De Nederlandse Bijenhouders Vereniging ziet sinds een paar jaar een nieuwe groep mensen zich voor de imkercursussen inschrijven. Het zijn jonge idealisten en natuurliefhebbers die zich het lot van de bij aantrekken. Ze vrezen een beepocalyps, het uitsterven van de bij. Dat zou niet alleen ontzettend treurig zijn voor de bijen zelf, maar ook een ramp voor de mensheid. We hebben de bijen hard nodig om onze voedselgewassen te bestuiven.

Bijen zijn de vliegende penissen die seks tussen bloeiende planten mogelijk maakt. En zonder seks geen vruchten: 76 procent van de belangrijkste voedselgewassen is mede afhankelijk van bijen voor de bestuiving. Bijen zijn dus van grote economische waarde, ook al stoort het veel bijenliefhebbers dat er een prijskaartje nodig is om mensen er van te overtuigen dat bijen beschermd moeten worden. 

Het is prachtig dat de honingbij de laatste jaren zo in het zonnetje is gezet en dat er een nieuwe aanwas is van jonge, enthousiaste imkers, die zich bekommeren om dit onmisbare insect. Ook het bedrijfsleven heeft de honingbij ontdekt. Als je het groene imago van je bedrijf of instelling wat wilt oppoetsen, zet je een bijenkast op het dak van je pand en verspreid je trots de foto’s via sociale media.

Maar wie denkt er aan de wilde broertjes en zusjes van de honingbij? ‘Jullie maken je zorgen om de verkeerde bijen,’ vatte insectendeskundige Gwen Pearson het samen in een artikel voor Wired. Want het zijn juist de wilde bijen die zich momenteel in zwaar weer bevinden. Alleen al in Nederland zijn er meer dan 350 soorten wilde bijen, van piepklein tot dikke, koddige hommels. Inmiddels staat meer dan de helft van deze soorten op de Rode Lijst, wat wil zeggen dat ze met uitsterven worden bedreigd.

Stadsbijen

Alle bijen, wild of gedomesticeerd, hebben als voedingsbron stuifmeel en nectar nodig en dat halen ze uit bloemen. Bijen hebben tegenwoordig te maken met allerlei problemen, zoals insecticiden die hun navigatievermogen verstoren, en klimaatverandering. Maar momenteel is hun grootste probleem het verlies van leefgebied met daarin genoeg nestplaatsen en bloemen. Sinds de intensivering van de landbouw zijn er simpelweg niet genoeg bijvriendelijke planten om alle bijen te voeden. De bijen hebben honger. Gek genoeg is het voor veel bijensoorten in de stad beter toeven dan op het platteland, waar bloemrijke graslanden een zeldzaamheid zijn geworden. De stadstuinen en parken zijn een geschikter leefgebied voor bijen. Zo kun je tegenwoordig in het Amsterdamse Vondelpark bijen tegenkomen die in de rest van Nederland zeer zeldzaam zijn.

Vanwege de honger onder bijen maken sommige wetenschappers zich zorgen over de toegenomen populariteit van bijenhouden. Dave Goulson, hoogleraar biologie aan de Universiteit van Sussex en gespecialiseerd in hommels: ‘In Londen hebben ze gemerkt dat de honingopbrengst is teruggelopen omdat er te veel honingbijen zijn. En dat is ook slecht voor de wilde bijen, omdat ze voor een groot deel dezelfde voedselbronnen delen. Als je te veel honingbijen hebt, zal er niet genoeg voedsel overblijven voor de rest. Honingbijen zijn fantastisch, maar je kunt ook te veel hebben van iets wat goed is.’
In Brussel luidde natuurorganisatie Apis Bruoc Sella al de noodklok over het aantal honingbijen in hun stad. Alsof je een koe koopt terwijl je geen gras in de tuin hebt staan, is hun oordeel.

bij

Moordend

Elk jaar verschijnen er berichten in de media over dode hommels onder lindebomen. Lang werd gedacht dat de samenstelling van de nectar de boosdoener was. Biologe Willemien Smith stortte zich op de mysterieuze hommelsterfte en kwam tot een opmerkelijke conclusie: de hommels waren niet vergiftigd, maar verhongerd. Een bloeiende lindeboom heeft een onweerstaanbare aantrekkingskracht op bijen. Daardoor komen er meer insecten op af dan de bloemen nectar geven. De manier waarop een hommel vliegt vreet energie: het dier moet eerst zijn vliegspieren opwarmen voordat het überhaupt kan vliegen. Als een hommel wel naar de boom vliegt, daar niet genoeg nectar aantreft, krijgt het insect een hongerklop die verder vliegen onmogelijk maakt. De concurrentie met andere bijen is in zo’n geval dus letterlijk moordend. Smith kreeg echter felle reacties van sommige imkers, die het onzin vinden dat honingbijen en wilde bijen met elkaar concurreren.

Parasieten

Naast de concurrentie om voedsel is er nog een ander probleem waar honingbijen helaas een rol in spelen. Omdat honingbijen landbouwdieren zijn, worden ze over de hele wereld verscheept en nemen ze exotische ziektes met zich mee, zoals de nare darmparasiet Nosema ceranae. Onderzoekers hebben recent aangetoond dat wilde bijen die op dezelfde bloemen zitten als honingbijen geïnfecteerd kunnen raken met deze en andere parasieten.
Of imkers helpen om de bij te redden, is dus maar de vraag. Sommige bijensoorten zullen juist gebaat zijn bij minder imkers, zeker in gebieden waar er een tekort is aan bloemen. Langzaam begint dat inzicht zich ook onder beleidsmakers te verspreiden. De gemeente Purmerend wilde iets doen om de bij te helpen en was van plan om bijenkasten te plaatsen maar zag daar vanaf, na zich te hebben laten informeren door een bijendeskundige. De gemeente gaat nu investeren in het bijvriendelijker maken van de omgeving. Meer bloemen, daar zijn alle bijen bij gebaat, en mensen misschien ook.

Ontdek meer in de special