Nieuwsbrief

Blijf wekelijks op de hoogte van het beste uit De Kennis van Nu en het laatste nieuws!

MELD JE AAN
‘Zwakke’ dodo overleefde milieuramp
De dodo staat symbool voor door alle door toedoen van de mens uitgestorven diersoorten. Volgens de legende waren het zwakke slome beesten die massaal zijn opgegeten, maar de werkelijkheid ligt heel anders.

Where are you from? Holland? Ah yes, you killed the dodos!’ Elke keer als hij op het eiland Mauritius is, krijgt dr. Perry Moree deze beschuldiging naar zijn hoofd geslingerd door de Indiase taxichauffeurs, die hij prachtig kan imiteren. Moree is een Nederlandse maritiem historicus en heeft een passie voor de dodo. Het is een bijzondere dag voor Moree als we hem op vrijdag 12 maart spreken op zijn kantoor bij de Koninklijke Bibliotheek (KB) in Den Haag. Hij krijgt die ochtend twee scheepsjournaals uit begin zeventiende eeuw in bruikleen. In de unieke boekwerken staan de enige bekende tekeningen die van in het wild levende dodo’s werden gemaakt op Mauritius, hun enige natuurlijke leefgebied.

Blote Fransman
De bewuste scheepsjournaals komen van het Nederlandse schip Gelderland, dat in september 1601 op Mauritius in de Indische Oceaan landde. ‘De Portugezen hadden het eiland al een kleine eeuw eerder ontdekt’, vertelt Moree die over het scheepsjournaal het boek Dodo’s en galjoenen schreef. ‘De Portugezen noemden het Ilha do Cerne, vrij vertaald Zwaneneiland, mogelijk vanwege de vele dodo’s.’ En hoewel er ook in 1598 Nederlanders waren geweest, was Mauritius in 1601 nog altijd onbewoond. Nou ja, onbewoond. ‘Er liep wel een blote Franse schipbreukeling rond’, vertelt Moree. ‘De mollige verwarde Fransman, die de Nederlanders François noemden en een broek aantrokken, had zich tegoed gedaan aan rauw schildpaddenvlees.’

De Nederlanders troffen op het eiland naast François’ smakelijke schildpadden ook unieke soorten papegaaien, duiven en een grote onbekende loopvogel aan: de nu wereldberoemde dodo. Al deze dieren, inclusief een heel arsenaal tropische vissen, werden zeer natuurgetrouw en met veel oog voor detail nagetekend door ene Joris Joostensz Laerle, een stuurman die niet kon navigeren maar wel een uitzonderlijk goed tekentalent bezat.

Walgvogel
Laerle maakte verschillende tekeningen van dodo’s met hun grote kop, stevige poten, kleine lamme vleugeltjes en groot rond achterwerk met daarop volgens de scheepsjournaals ‘vier ofte vijf kleyne ghekrulde pluymkens’. ‘Dese voghels noemden wy walchvoghels’, vermelden de scheepsjournaals verder, omdat ze ‘seer tay om eeten waren’. Liever vingen de Nederlanders de veelvoorkomende duiven, ‘dewelcke ons vry wat lieffelicker van smaeck waren’.

‘Omdat dodo’s niet konden vliegen, had de borstpartij nauwelijks spierweefsel. Het was een grote vetophoping, alsof je in een taaie, slijmerige vette zeemleren lap bijt’ legt Moree smakelijk uit. ‘Niet te vreten!’ De walgvogel werd in latere scheepsjournaals en verslagen ook wel kermisgans of dodaars genoemd, vanwege het ‘dotje’ veren op de kont, denkt Moree. Dit werd uiteindelijk dodo. Maar uit geen enkele schriftelijke bron blijkt volgens Moree dat de dodo’s massaal zijn opgegeten. ‘Alleen de Engelsen aten ze nog wel eens, maar dat zal wel aan de Engelse keuken hebben gelegen’, vertelt hij spottend.

Slachtafval
Bodemonderzoek op Mauritius door archeoloog drs. Pieter Floore in de beerputten van het oude Nederlandse fort Frederik Hendrik uit 1638 ondersteunt de stelling van Moree. Floore pluisde het honderden jaren oude slachtafval uit en vond daarin resten van allerlei dieren, maar geen enkel dodo-botje. Ze stonden dus duidelijk niet op het menu van fort Frederik Hendrik.

Wat werd de dodo’s dan wel fataal? Daarover spraken we met aardwetenschapper dr. Kenneth Rijsdijk, verbonden aan natuurhistorisch museum Naturalis in Leiden en samen met Pieter Floore een van de initiatiefnemers van een langlopende dodo-expeditie. ‘De Portugezen en vervolgens ook de Nederlanders brachten allerlei uitheemse diersoorten mee naar Mauritius, waaronder varkens, geiten, makaken en ratten die op de schepen zaten’, vertelt Rijsdijk, die net als Perry Moree gefascineerd is door de dodo. ‘Een rattenpopulatie breidt zich razendsnel uit. De ratten en de makaken zullen veel van de dodo-eieren hebben opgegeten. Voor zover bekend uit oude bronnen, legden de dodo’s slechts één ei per jaar. En ook nog op de grond.’

Deze nieuwe natuurlijke vijanden bezegelden vrij snel het lot van de dodo. Volgens ornithologen stierf de dodo uit tussen 1660 en 1664, al vond Moree nog verwijzingen naar de dodaars in verslagen uit 1686 en 1687. Toch was de dodo volgens Rijsdijk geen heel zwak schepsel, omdat de soort voor de komst van de mens wel een klimaatramp wist te overleven.

Massagraf
Rijsdijk baseert zich op opgravingen in de ‘dodo-polder’: een gat van 1,6 bij 1,8 meter in een moeras op Mauritius. ‘Op deze plek was ooit een zoetwatermeer. In een periode van enkele eeuwen is hier een half miljoen dieren gestorven. Elke vierkante meter bevat honderden botten. Meer dan de helft is van reuzenschildpadden. De rest is van onder meer vleermuizen, zangvogels en voor 8 procent van dodo’s’, vertelt Rijsdijk. ‘Gemiddeld zijn de botten ongeveer 4200 jaar oud. Rond die tijd waren er wereldwijd grote lokale droogtes. We vermoeden dat het waterpeil van dit zoetwatermeer zo sterk daalde, dat er zout zeewater binnenstroomde.’ Samen met hydroloog Perry de Louw van Deltares zoekt Rijsdijk met behulp van grondwatermodellen uit wat het effect van deze enorme droogtes is op het meer.

‘Het massagraf toont aan dat het ecosysteem van Mauritius veel veerkrachtiger is dan we dachten. Diersoorten als de dodo wisten zich toch aan te passen aan de klimaatveranderingen op het eiland’, zegt Rijsdijk. ‘Door toedoen van de mens is er nu nog maar 2 procent van het ecosysteem op Mauritius over, maar het is nog altijd zeer divers. Uniek is dat Mauritius het enige voorbeeld is van een geïsoleerd ecosysteem waarvan we precies weten hoe de interactie met de mens vanaf de eerste kolonisatie is verlopen.’ Rijsdijk ziet in Mauritius bovendien een perfect studiemodel voor problemen die op wereldschaal spelen, zoals verdwijnende ecosystemen, droogte en oprakende grondstoffen.

Alice in Wonderland
In het massagraf op Mauritius liggen meer uitgestorven diersoorten, zoals reuzenschildpadden, een reuzenstinkdier en de vogelsoorten rode ral, blauwe duif en de Mauritiaanse papegaai. Maar waarom werd alleen de dodo ‘onsterfelijk’? Dat is volgens Rijsdijk te danken aan het optreden van een dodo in het wereldberoemde kinderboek Alice’s Adventures in Wonderland, dat de Britse schrijver Charles Lutwidge Dodgson in 1865 publiceerde onder het pseudoniem Lewis Carroll. Sinds het optreden van Dodgson’s stotterende dodo – naar verluidt een karikatuur van hem zelf, “Do-do-dodgson” – komt de dodo met regelmaat voor in de volkscultuur, tot aan films van Harry Potter en Ice Age aan toe.

Paul Schilperoord

Dit artikel verschijnt deze week ook in de VPRO Gids.

In aflevering 31 van Beagle: in het kielzog van Darwin vertellen Kenneth Rijsdijk en Perry de Louw op Mauritius over hun onderzoek in de 'dodo-polder'. Deze uitzending is zondag 2 mei om 21:10 op Nederland 2.